We krijgen gemiddeld 1.546 reclames te zien per dag[1]. Op TV, de radio, onze favoriete nieuwssite of op Facebook. En dan nog eens alle andere boodschappen: Gesprekken die we hebben, artikels die we lezen, updates van vrienden die we zien op Facebook.

Maar naast wat we effectief zien, lezen of horen, zijn er ook dingen die we niet direct zien, lezen of horen, maar die we toch ontvangen. De emotie op iemands gezicht wanneer hij je wat vertelt. De manier van spreken, de snelheid, het timbre… Wat we “tussen de lijnen lezen”.

Ook online en op je Facebookpagina telt niet alleen wat je zegt, en hoe je het zegt. Maar ook wat je NIET zegt.

Denk maar aan iemand die je probeert te bellen maar nooit een antwoord krijgt.

Je communiceert altijd indirect. Zelfs zonder dat je iets zegt. Zeker als je niets zegt.

Laat ik het even illustreren met een voorbeeld over onze hond Moby:

Wat onze hond Moby mij leerde over hoe ik communiceer

Wij hebben enkele jaren geleden een hond uit het asiel gehaald. Ze heet Moby en is zo’n 12 jaar oud, schatten we. Hoewel we ’s avonds voor het slapen gaan wel nog eens buiten gaan wandelen, durft hij toch af en toe eens binnen te plassen.

12 jaar is niet niets voor een hond (84 in mensenjaren), dus ik vrees dat het wat incontinentie is, waar ze dus helaas weinig aan kan doen. (Als je moet, dan moet je)

Soit, erg is dat niet. Er liggen tegels in heel ons benedenverdieping en die kunnen daar wel tegen. Snel even opkuisen met wat keukenpapier en het is weg. Het gebeurt niet vaak, maar toch af en toe.

’s Morgens als ik opsta en beneden kom zeg ik elke ochtend “Kom Moby, buiten pipi doen”. Gewoonlijk loopt ze dan blij mee naar de achterdeur om even buiten te gaan in de tuin.

Maar de dagen dat ik merk dat er een plasje pipi ligt dan moet dat blijkbaar net wat anders klinken. Want dan komt ze traag af, of gaat ze zelfs gewoon zitten. Met haar hoofd naar beneden gericht en haar staart tussen haar benen.

Voelt ze zich schuldig? Ze weet namelijk wel dat binnen plassen niet mag. Dus misschien wel. Maar ik merk dat het eigenlijk aan mij ligt.

Want als ik het plasje nog niet opgemerkt heb (als het achter het hoekje in de keuken ligt bijvoorbeeld). Dan komt ze wel weer gelukkig aangelopen naar de achterdeur.

Dus als ik het plasje zie dan praat ik blijkbaar anders. Nochtans probeer ik wel op dezelfde manier te praten (plasje of niet, ik denk dat het goed is dat de hond even buiten gaat ’s ochtends). En ik denk wel dat ik het even enthousiast en zonder beschuldiging zeg… Maar zij voelt het blijkbaar anders aan.

Ik heb ook gemerkt dat wanneer ik geen plasje zie, “Kom Moby, buiten pipi doen” niet het eerste is wat ik zeg. Maar wel: “Hey Moby”.

Het zit hem dus in wat ik zeg, hoe ik het zeg en wat ik niet zeg.

Waarom vertel ik dit?

Wel: Wat je zegt of post op je Facebookpagina is belangrijk. Daar zijn we het allemaal over eens.

En ook HOE je iets zegt is minstens even belangrijk als wat je zegt.

Maar ook wat je niet zegt op Facebook. En wat je niet laat zien op Facebook.

Wat je wel en niet zegt op Facebook

Wat zegt jouw Facebookpagina over jou en je bedrijf? Wat zeg je? En hoe zeg je het? Wat zeg je niet? Wat toon je, hoe toon je dat en wat toon je niet?

Ze zeggen wel eens “you never get a second chance to make a first impression”.

Welke eerste indruk maakt jouw Facebookpagina van jou? Wat zeg je dus eigenlijk indirect tegen je fans of toekomstige fans? En wat zegt dat over jou?

Hier zijn de 4 belangrijkste elementen op Facebook die het meeste impact hebben op je first impression:

1. Je avatar of profielfoto

Ik zeg het wel vaker: mensen doen zaken met mensen.

Achter elk bedrijf zitten mensen. Als ik naar jou bel dan antwoord je met jouw stem  en vanuit jouw naam. Als ik naar je mail dan onderteken je met je naam.

Zelfs als ik een Facebookbericht stuur naar een gigantisch bedrijf als Telenet krijg ik een antwoord van Stijn, Maarten, Lindsy of Tim.

Je avatar of profielfoto is vierkante foto links boven op je pagina en is zichtbaar bij elke update je post.

Als jij op je Facebookpagina van je avatar een logo maakt, dan verstop je je.

Dat logo mag dan nog zo mooi zijn. Je hebt er misschien veel voor betaald om het te laten ontwerpen, of je hebt er uren zelf in gestoken en bent er ongelofelijk trots op… een logo is onpersoonlijk.

En net als zelfstandige of klein bedrijf is persoonlijkheid je troef. En op Facebook draait alles om personen.

Maak van je avatar of profielfoto dus een foto van jou en/of je team (het is tenslotte FACEbook).

Pas vanaf het niet meer mogelijk is om al je medewerkers samen op 1 foto te krijgen, dan mag je een logo zetten :).

2. Je coverfoto of omslagfoto

De coverfoto of omslagfoto is die grote foto bovenaan je pagina.

Veel zelfstandigen en kleine KMO’s maken zich er gemakkelijk van af door daar nog eens in het groot hun logo te plaatsen.

Ook hier: hoe mooi je logo ook is, je verspilt de grootste ruimte die je hebt om je pagina wat persoonlijk te maken.

Gebruik de cover foto om iets te vertellen. Over wie je bent, wat je doet, waarom je doet wat je doet, wat mensen kunnen verwachten op je pagina.

Op de coverfoto van mijn pagina zie je mij aan het werk tijdens een workshop, en je leest wat je van mij kan verwachten.

3. Je bedrijfsinfo

Als je avatar en je coverfoto mij hebben overtuigd dan scroll ik wat verder naar beneden. Ik wil weten: wat doe jij eigenlijk.

Het vakje met info over je bedrijf staat net onder de coverfoto in de rechterkolom.

Daar is 1 stukje het aller belangrijkst: de korte beschrijving.

In die korte beschrijving moet je in 1 zin zo concreet mogelijk te vertellen wat je doet.

Dus niet: “wij streven naar de beste en meest klantvriendelijke dienstverlening binnen onze sector en leveren altijd kwaliteit”. Maar wel: “Ik leer jou hoe je via Facebook nieuwe klanten krijgt”, “Ik help jou bij de zoektocht naar een nieuwe job die jou energie geeft” of “Ik zorg dat jouw auto weer glanst als nieuw”.

4. Wat en wanneer je post

Net zoals wanneer ik op een verouderde website kom, waar de laatste blogpost of het laatste nieuwsbericht uit 2014 dateert en onderaan in de footer nog “Copyright 2012” staat, is dat bij Facbook ook zo.

Maar nog 1000 keer harder.

Als jouw laatste update van 2 maand geleden is, dan ga ik me meteen vragen stellen.

  • Bestaat dit bedrijf nog?
  • Zijn ze misschien gestopt of failliet?

En zelfs als jouw laatste update van meer dan een week geleden is vraag ik me meteen af of je bedrijf wel serieus is. Of je er wel echt mee bezig bent. Of ik wel antwoord ga krijgen als ik je mail.

Met andere woorden: heeft het wel zin dat ik hier mijn tijd in steek of niet?

Zorg dus dat er regelmatig wat nieuws op je pagina staat. Ik raad mijn klanten altijd aan om te gaan voor 1 post per dag. Dat maakt dat je consistent met je pagina bezig bent en het een gewoonte wordt.

En zo leer je ook sneller wat werkt en wat niet werkt.

Kan je 1 post per dag niet aan? Post er dan minder. Maar ga toch voor een minimum van 2 à 3 per week. Het gaat vooral om de consistentie en dat je ermee bezig bent.

En hoe meer je ermee bezig bent, hoe meer je gaat merken dat er eigenlijk oneindig dingen zijn om over te posten. En dat je gemakkelijk 2 of 3 posts per dag kan doen, als je dat zou willen.

Conclusie

Wat je zegt is belangrijk. Hoe je het zegt ook. Maar ook wat je niet zegt.

Zorg ervoor dat je een positieve eerste indruk nalaat. Start met deze 4 tips.

Wil je meer tips over wat je dan wel moet posten op Facebook? Schrijf je in voor mijn gratis 5 daagse Boost Je Facebook programma via: